Hadeer Abdulla Abadi
Gevangen in Bahrain

Hadeer Abdulla Abadi is een 25-jarige Bahreinse burger die willekeurig wordt vastgehouden in het Isa Town Women’s Detention Centre in Bahrain. De autoriteiten hebben haar mishandeld, met lange gevangenisstraffen bedrijgd, en blijven haar in voorlopige hechtenis houden.

Op 10 januari 2019 belde en sms’t iemand van de Directie Strafrechtelijk Onderzoek (CID) Hadeer’s telefoon en zei dat zij zich op 13 januari bij de CID moest melden zonder haar te vertellen waarom. Hadeer heeft nooit een officiële dagvaarding ontvangen.

Nadat Hadeer op 13 januari bij de CID was verschenen, hebben agenten haar 12 uur lang zonder advocaat ondervraagd. In die tijd mishandelden de ambtenaren haar, beledigden haar, vervloekten haar en onderwierpen haar aan wat ze omschreef als “psychologische druk”. Ze werd beschimpt en bedreigd met “tientallen jaren” gevangenisstraf als ze niet bekend heeft dat ze zich bij een terroristische groepering heeft aangesloten en geld heeft overgemaakt aan een terroristische groepering. Hadeer bekende de beschuldigingen niet.

Na 12 uur hebben de agenten Hadeer zonder de aanwezigheid van haar advocaat haar zaak aan het Openbaar Ministerie (OPP) aangeboden. De OPP beval Hadeer 30 dagen vast te houden in afwachting van een onderzoek en de autoriteiten hebben haar overgebracht naar het Women’s Detention Centre in de stad Isa voor voorlopige hechtenis.

Op 12 februari 2019 had Hadeer een tweede hoorzitting in het OPP, ditmaal met twee advocaten. Tijdens de hoorzitting presenteerde Hadeer een brief waarin zij haar vrijlating eiste en de beschuldigingen tegen haar afwees. De advocaten vroegen ook om Hadeer’s vrijlating op borgtocht. Het OPP wees beide verzoeken af en verlengde de detentie van Hadeer met nog eens 30 dagen. De advocaten vroegen Hadeer vijf minuten te mogen spreken om haar op te vrolijken en de autoriteiten stonden dit toe op voorwaarde dat zij ook aanwezig waren. Dit was het enige contact dat Hadeer in de maand na haar arrestatie met een juridisch adviseur heeft gehad.

Op 5 maart diende de familie van Hadeer een brief in met het verzoek om Hadeers vrijlating op borgtocht, maar de aanklager verwierp het verzoek. Op 14 maart had Hadeer een derde hoorzitting in het OPP, waardoor haar detentie met nog eens 30 dagen werd verlengd, maar de autoriteiten hebben haar verhinderd op de hoorzitting te spreken. Bovendien heeft de overheid, terwijl haar advocaat aanwezig was, Hadeer verhinderd om met hem te spreken.

Op 11 april 2019 had Hadeer een vierde hoorzitting, ditmaal voor het Openbaar Ministerie voor Terroristische Misdrijven, een onderdeel van het OPP. Hadeer was zonder haar advocaat op deze hoorzitting, dus werd ze gedwongen zich zelf te verdedigen. Hadeer betoogde dat ze moest worden vrijgelaten omdat ze “niets te maken had” met de aanklachten tegen haar. Ze legde ook uit dat haar moeder in slechte gezondheid verkeert en dat ze de verzorger is van haar moeder. De autoriteiten hebben haar verzoek om vrijlating afgewezen en haar detentie met 30 dagen verlengd.

Hadeer blijft in het Isa Town Women’s Detention Centre.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *