Faten AbdulHusain Ali Naser
Gevangen

Faten, 42 jaar, werd in februari 2017 gearresteerd en is sindsdien in hechtenis. Zij werd onder de uitgebreide Bahreinse antiterrorismewet oneerlijk berecht en werd wellicht op grond van haar connectie met familieleden gearresteerd.

Op 9 februari 2017 omsingelden officieren van het commando van de Special Security Forces Command (SSFC), de Ministry of the Interior (MoI), de National Security Agency (NSA) en gemaskerde officieren in burger het huis van Faten’s vader op de grond en in de lucht alvorens over te gaan tot de aanval. De officieren waren gewapend en hadden videocamera’s gericht op personen in het huis. De ambtenaren beweerden dat zij afkomstig waren van de Criminal Investigation Department (CID) en verklaarden dat zij in het bezit waren van een aanhoudingsbevel, hoewel er geen aanhoudingsbevel werd voorgelegd. Faten werd gearresteerd nadat ze de agenten naar de CID had vergezeld, onder het voorwendsel dat ze haar broer wilden. Bij haar aankomst bij de CID werd haar broer vrijgelaten terwijl Faten werd gearresteerd zonder arrestatiebevel, op verdenking van het herbergen van een voortvluchtige en het zich aansluiten bij een terroristische groepering, hoewel deze laatste beschuldiging tijdens het proces werd ontslagen. Faten werd van 9 februari tot 12 februari 2017 bij de CID ondervraagd en is gedurende het hele proces onder dwang verdwenen. Tijdens het verhoor bedreigden ambtenaren het leven van haar ouders, beledigden haar, vernederden haar geloofsovertuiging en ontzegden haar de toegang tot een advocaat. Na het verhoor werd Faten overgebracht naar het detentiecentrum voor vrouwen in Isa-Stad en daar vastgehouden tot haar proces op 12 augustus 2017. Ze werd voor het eerst voor het Openbaar Ministerie gebracht op 6 maart 2017, bijna een maand na haar arrestatie.

Voor het proces kreeg Faten alleen maar beperkte toegang tot haar toegewezen advocaat, waardoor haar verdediging onvoldoende was voorbereid. Zij had een persoonlijke ontmoeting met haar advocaat, maar tijdens het gesprek bleven agenten aanwezig en volgden de bijeenkomst op de voet, waardoor zij niet vrijuit met haar advocaat kon spreken. Op 31 januari 2018 werd Faten veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf wegens het huisvesten van een voortvluchtige (een familielid), hoewel haar straf in hoger beroep op 28 januari 2019 werd teruggebracht tot drie jaar.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *