Zakeya Isa AlBarboori
Gevangen in Bahrein

Zakeya Isa AlBarboori, een 30-jarige chemisch ingenieur, was meer dan drie weken lang met haar nichtje Fatema Dawood Juma onder dwang verdwenen. Ze werd gearresteerd door overheidsfunctionarissen, die haar lot of verblijfplaats niet onthulden. Pas na deze periode van bijna een maand konden zij hun familie op de hoogte brengen van haar locatie.

Op 18 mei 2018 zijn officieren in burger en de commandolegers zonder bevelschrift het huis van Fatema ingevallen. Ongeveer 15 gemaskerde agenten kwamen om 3:00 uur ’s nachts binnen nadat ze het huis met een aantal veiligheidsvoertuigen hadden geblokkeerd en helikopters op het dak hadden geland.

Ambtenaren doorzochten Zakeya’s kamer voor tien minuten zonder de familie binnen te laten en arresteerden haar vervolgens. De agenten verlieten het huis, om vervolgens terug te keren en Fatema te arresteren. De agenten namen Fatema’s laptop en mobiele telefoon in beslag, samen met Zakeya’s auto. Toen de familie om informatie vroeg over de reden van de arrestatie, antwoordden de agenten dat Fatema en Zakeya zouden worden verhoord bij de Recherchecommissie van het Ministerie van Binnenlandse Zaken (CID). Om ongeveer 5:30 uur die dag belden Zakeya en Fatema hun familie en deelden hen mee dat ze bij de CID werden vastgehouden. Het gesprek duurde maar een paar seconden.

Op 19 mei 2018 keerden de agenten rond 4 uur ’s morgens terug naar het huis en doorzochten Zakeya’s kamer nog een uurtje, opnieuw zonder bevelschrift. De agenten weigerden de familie te informeren over de reden van de huiszoeking, lieten hen niet toe de kamer te betreden en maakten de redenen voor de arrestaties van de dag ervoor niet duidelijk.

Zakeya werd zonder voorafgaande kennisgeving aan een rechter of aanklager voorgesteld, hoewel haar advocaat de OPP eerder had laten weten dat zij de juridisch adviseur van Zakeya was. Om 10.30 uur berichtte het lokale nieuws dat de OPP had besloten haar detentie met een maand te verlengen.

De familie heeft geen officiële kennisgeving van haar verblijfplaats ontvangen en kon een maand lang niet met de vrouwen spreken. CID-agenten, jeugdgevangenen en vrouwelijke gedetineerden in Isa Town ontkenden dat ze de vrouwen in hechtenis hadden toen ze om informatie over hun locatie werd gevraagd. Op 15 juni 2018 werd Zakeya naar de vrouwengevangenis in Isa-Stad gestuurd, waar ze voor het eerst sinds haar arrestatie, voor 30 minuten haar familie kon zien. Gedurende deze tijd onthulde Zakeya dat ze 28 dagen in eenzame opsluiting werd vastgehouden en dat de autoriteiten haar tijdens de verhoren onder enorme druk zetten. Ambtenaren ondervroegen haar tijdens de eerste zes dagen van haar verdwijning. De aanklachten tegen Fatema en Zakeya zijn: de aanwezigheid van explosieven in het huis; het ontvangen van geld van Iran; en het lidmaatschap van Tayar Al-Wafa Al-Islami (vaak alleen al-Wafa genoemd), een politieke oppositiegroep zonder vergunning die door de Bahreinse regering wordt erkend als een terroristische organisatie. Op 27 juni 2018 werd Fatema echter vrijgelaten uit de vrouwengevangenis in Isa-Stad en de aanklacht tegen haar werd ingetrokken.

Fatema en Zakeya zijn het slachtoffer geworden van gedwongen verdwijning, omdat overheidsfunctionarissen hen tegen hun wil van hun vrijheid hebben beroofd en niet hebben onthuld waar ze zich bevonden. Bovendien zijn meervoudige binnenkomsten en huiszoekingen zonder bevelschrift of andere rechtsgrond in strijd met het recht op privacy in artikel 12 van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (UVRM) en artikel 17 van het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (IVBPR).

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *